AlsikWijWord300Op 1 december 2008 ging het project W!J van start met de website www.nieuwwij.nl. Deze interactieve multimediale website biedt een platform voor iedereen die samen met anderen wil nadenken over hoe een samenleving waarin iedereen zich thuis voelt eruit kan zien, ongeacht de verschillen in afkomst en levensovertuiging.
De site levert geen kant en klaar recept voor dit nieuwe W!J maar wil samen met de bezoekers een stapje verder komen op weg naar een Nederland waarin iedereen zich thuis kan voelen.

De wetenschappers die een bijdrage hebben geleverd aan de twee onderzoeksbundels die in het kader van het project en de website zijn verschenen, hebben eenzelfde uitgangspunt gekozen. In de bundel Als ik w!j word. Nieuwe vormen van verbondenheid (2010) zijn de onderzoekers vooral uitgegaan van hun persoonlijke observaties en reflecties. De vraag die sturend is geweest luidde: waar vind ik een 'nieuw wij', waar werkt het en waar wringt het? In de bundel passeren dan ook zes vernieuwende vormen van verbondenheid de revue.CObservatie

Anders dan deze nadruk op nieuwe vormen van wij werd in de tweede bundel Onszelf voorbij. Over de grenzen van verbondenheid (2011) de nadruk gelegd op verdieping van inzicht. Daarbij gaat het vooral om de vraag 'hoe afzonderlijke gemeenschappen zich verhouden tot datgene wat voorbij hun grenzen ligt, tot de ander of tot hun eigen
ongerealiseerde potentieel'.

Onderling verband

onszelf

De onderzoekers uit de eerste bundel keren in de tweede bundel terug, soms keren zij zelfs terug naar dezelfde gemeenschappen als waarover ze in het eerste boek schreven. Door de oorspronkelijke vragen en conclusies in de tweede bundel aan te scherpen fungeert de tweede bundel als verdieping van inzicht ten aanzien van de onderwerpen uit de eerste bundel. Het verdient dan ook echt aanbeveling om de beide bundels naast elkaar te lezen. Om een drietal voorbeelden te geven.

INEZ VAN DER SPEK (http://www.inezvanderspek.nl/) schreef in de eerste bundel een artikel met de titel Liefdesbaby's: verbeeldingen van de interculturele familie. In het artikel fungeert de geboorte van interculturele baby's als symbool voor de 'nieuwe families' die ontstaan door interculturele huwelijken. Aan de hand van Abdelkader Benali's roman De langverwachte (2003) en de 52-delige ARD-televisieserie Türkisch für Anfänger (Duitsland 2006-2008) gaat zij in op interculturele kwesties die verband houden met het familiale leven. De geboortes kunnen echter slechts begrepen worden als 'kortstondige verlossing uit tweespalt en isolement' omdat een Cbabiesdefinitieve oplossing van de interculturele vraagstukken zich zowel in roman als tv-serie niet aankondigt. Ze belichamen echter wel, aldus van der Spek, een opening naar de toekomst omdat jongere generaties zich steeds meer zullen mengen en gekleurde baby's voort zullen brengen.

Van der Speks artikel in de tweede bundel draagt de titel Geef elkaar gewoon de rechterhand. Shouf shouf! De serie, little mosque on the prairie en de verbeelde gemeenschap. In het artikel wekt zij aan de hand van twee multiculturele televisiecomedy's de idee uit 'dat de letterlijke verbeelding van een nieuw wij – een verbeelding in de verbeelding – een handje kan helpen om de voorstelling van een gedeelde toekomst vorm te geven'. Het artikel onderstreept herhaaldelijk het belang van zelfonderzoek en zelfspot als strategie voor een multiculturele én open samenleving.

Het artikel dat JONNEKE BEKKENKAMP (http://www.zinenzaken.nl/) in de eerste bundel schreef draagt de titel Loesje en de kunst van het citeren. In dit artikel interpreteert Bekkenkamp vier prototypische vormen van wij-zeggen: alledaags, cultureel, religieus en profetisch, als staties op de weg naar een nieuw wij. Om deze vier vormen van wij-zeggen te verhelderen bespreekt zij een viertal boeken: De gedroomde samenleving van Willem Schinkel, Stad van woorden van Alberto Manguel, Ich und Du van Martin Buber en The Outsider van Colin Wilson. In dit artikel beschrijft
Bekkenkamp de uitspraken van Loesje als een geraffineerde mix van deze vier prototypische vormen van wij-zeggen.

CGroenLinksIn de tweede bundel maakt Bekkenkamp opnieuw gebruik van taalanalyse, dit keer in het kader van GroenLinks. In haar artikel Geloven in politiek. Een analyse van het vocabulaire van GroenLinks richt zij zich 'op de samenleving die GroenLinks voor ogen staat'. Kernvraag is daarbij in welke samenleving deze politieke partij gelooft. Om een antwoord op deze vraag te vinden onderzoekt zij het taalgebruik van GroenLinks in op internet beschikbare teksten. Op grond van dit onderzoek concludeert Bekkenkamp dat het denken binnen GroenLinks over hoe voorbij het individualisme te geraken stagneert. Zij formuleert het vermoeden dat angst voor populisme en het buiten de politiek willen houden van 'geloven' hier debet aan zijn. Het komt niet veel verder dan 'een abstracte schets van de gewenste samenleving als een verzameling van vrijzinnige burgers'.

KEES DEN BIESEN (http://www.patristiek.eu/medewerkers/keesdenbiesen.htm), het laatste voorbeeld, geeft in de eerste bundel onder de titel De Suryoyo-gemeenschap in Nederland een heel persoonlijke impressie van zijn kennismaking met de Suryoyo-gemeenschap in Nederland. Den Biesen beschrijft hoe gecompliceerd de geschiedenis van de Suryoye is. Het betreft leden van een van de oudste christelijke tradities ter wereld, de Syrische traditie die vertegenwoordigd wordt door een aantal nauw verwante oriëntaalse kerken. De werken van Efrem de Syriër (ca. 305-373), een van de grootste Syrische kerkvaders, spelen voor hen een belangrijke rol. Den Biesen beschrijft hoe zijn fascinatie voor deze kerkvader aanleiding werd voor de kennismaking met de Suryoyo-gemeenschap in Nederland in 2008. Het artikel biedt een 'eerste oriënterende verkenning van het veelkleurige suryoyo-wij in de vorm van een verslag van ontmoetingen met individuele Suryoye en van de gedachten, die deze ontmoetingen bij Den Biesen opriepen'.

CSuryoyeIn de tweede bundel worden deze eerste oriënterende verkenningen verdiept in het artikel Bruggen tussen werelden. Verhalen over diaspora en identiteit bij Syrish-orthodoxe christenen. Hierin beschrijft Den Biesen de noodzaak een nieuwe identiteit te definiëren binnen de realiteit van een diasporagemeenschap. Efrem de Syriër kan binnen de diaspora-gemeenschap van Suryoye in Nederland, volgens Den Biesen, een waardevol referentiepunt bieden bij pogingen om de vraag naar identiteit te beantwoorden. In dit tweede artikel beschrijftDen Biesen de verschillende visies van Suryoye op zichzelf. Daarbij tracht hij deze aan de hand van Efrem te verhelderen. Tegelijk wil hij de Suryoye uitdagen zichzelf aan de hand van Efrem beter te leren begrijpen.

Afstemming bundels en website

Tot zover de voorbeelden. Beide bundels bieden nog een keur van artikelen waarin nieuwe vormen van wij verkend worden, zonder uit te gaan van een tegengesteld zij. In het kader van het 25 jarig bestaan van het DSTS verscheen op 7 september 2013 de nieuwe bundel van Nieuwwij onder de titel Alsof ik thuis ben. Samenleven in een land vol verschillen. Het boek gaat in op de vraag wat er nodig is om je thuis te voelen het Nederland van de 21e eeuw. De onderzoekers 'kijken door de ogen van leerlingen en docenten, moslimjongeren, homo's en lesbo's, verslaafden en vele anderen'. Aan de bundel heeft wederom een zeer diverse groep van wetenschappers een bijdrage geleverd (Joep de Hart, Arjo Klamer, Menno Hurenkamp, Joke van Saane, Pieter Dronkers, Cok Bakker, Bas van den Berg, Alma Lanser, Nora Asrami, Kees den Biesen, Jaap van den Bosch, Gouwain van Kooten Niekerk, Markha Valenta en Marco Derks, Suzette van IJjssel, André Lascaris en André van der Braak. Manuela Kalsky nam de inleiding voor haar rekening.

Spelbrekers. Hoe gezellig is het nieuwe wij? Dit hoofdstuk van Pieter Dronkers is te downloaden.
U treft in dit document ook de inhoudsopgave van de bundel aan. Op de website van Nieuwwij treft u een boekbespreking van deze bundel door Désanne van Brederode aan.

Meer informatie over de drie bundels en bestelinformatie treft u aan op de website van Uitgeverij Parthenon