Schuur small

Je roept me toe
vanaf binnenhof en
begraafplaats
weelderige grasstrook
en de plaatsnaam
op mijn scherm

Je roept me toe
in de ogen van een kind
de lach in een stem
een liefkozende aai
over het hoofd
van een man 

Je roept me toe
in het duister van de avond
het geluid van de
brekende golven op het strand
het ruizen van de wind
in de populieren op de kant 

Je kunt me niet ontgaan
in alles ijl je mij tegemoet
Hoe is het toch mogelijjk
dat ik je
zo lang
niet kon verstaan?