Kabbelend glijdt het water
strelend langs
wat wakker
een rotsblok lijkt

Terwijl
in de stilte van de nacht
mijn ziel
zich verheft in waken
mijn lichaam
zich losmaakt van de rots

- door sterven
niet vergaan -

Daar rusten zij
in schoonheid
al wakend
verwachtend
het morgenrood