Jaarlijk zijn er vele jongeren die via verschillende organisaties naar het buitenland trekken om daar ondersteuning te bieden aan plaatselijke geloofsgemeenschappen. Rozemarijn Bos, 22 jaar, verbleef in 2005 via Operatie Mobilisatie een jaar op de DOULOS.

De DOULOS is één van de evangelisatieschepen die Operatie Mobilisatie inzet om plaatselijke geloofsgemeenschappen te ondersteunen. Met 50 verschillende nationaliteiten aan boord, maakte zij kennis met de veelkleurigheid van het christendom in andere culturen. Operartie Mobilisatie, kortweg OM, mobiliseert al vanaf 1957 jongeren uit verschillende kerken en landen om hen ergens in de wereld in te zetten ten dienste van God. Momenteel zijn circa 4.500 voltijdwerkers, waaronder ruim 130 Nederlanders, in ongeveer 106 landen actief. Speerpunten van OM zijn: evangelisatie, training, gemeenteopbouw en lectuurdistributie. Naast de evangelisatieschepen DOULOS, het voormalige schip LOGOS II en de nieuwe LOGOS HOPE, is OM bekend door de GLOBAL CHALLENGE-zomeracties, het TEENSTREET-tienerkamp en GLOBAL ACTION, het studie- werk- en evangelisatieprogramma vanaf zes maanden. Spiritueel Erfgoed sprak met één van de jongeren die vanuit Nederland twee jaar mee op reis ging met het evangelisatieschip de DOULUS, Rozemarijn Bos. Zij vertelt waarom ze ging, wat het haar deed en hoe het haar leven heeft veranderd.

Rozemarijn Bos onderwegRozemarijn is één jaar terug wanneer ik met haar spreek op haar gezellige studentenkamer in Amersfoort. Ze studeert er Creatieve Therapie sinds ze terugkwam van de DOULOS. Ze is nu 22 jaar. Wanneer ik haar vraag hoe ze in contact kwam met Operatie Mobilisatie en waarom ze besloot mee te gaan met het evangelisatieschip de DOULOS (wat grieks is voor 'dienstmaagd') vertelt ze: "Ik ben christelijk opgevoed, vrij streng, maar had eigenlijk geen levende relatie met Jezus. Ik wilde Hem wel beter leren kennen. Daarom besloot ik naar de Wittenberg in Zeist te gaan, dat is een studie- en leefgemeenschap voor christelijke jongeren die samen vanuit de Bijbel meer willen leren over wie God is en hoe je Hem kunt dienen. De studenten op deze school komen uit allerlei verschillende kerken, van evangelisch tot reformatorisch. Ik heb daar geleerd mezelf af te vragen wat voor mij belangrijk is in het leven. Ik heb er geleerd te durven dromen en tegen mezelf te zeggen 'God is met mij, wie zal dan tegen mij zijn?' Dat jaar heeft mijn leven totaal veranderd, ik heb er mijn hele leven aan God gegeven. Toevallig was in het jaar dat ik op Wittenberg zat de DOULOS in Nederland. Ik ben toen aan boord geweest en heb geholpen met de schoonmaak van het schip. Wat bleef hangen was de sfeer tussen de mensen, de onderlinge liefde. Ik heb daarna steeds gebeden om er achter te komen of ik door met de DOULOS mee te gaan God werkelijk zou dienen. Op een gegeven moment had ik de ervaring dat God tegen me zei: 'Roos, als jij beslist te gaan, is het goed. Dan ga Ik met je mee'. Ik heb toen contact opgenomen met Operatie Mobilisatie en kwam in een voorbereidingsprogramma terecht. Het heeft nog driekwart jaar geduurd voordat ik echt aan boord van het schip stapte. Ik moest ook het geld bij elkaar zien te halen, je betaalt zo'n 700 á 800 euro per maand voor alle kosten. Omdat ik niet officieel ben uitgezonden door een gemeente moest ik die kosten zelf dragen. Gelukkig vond ik mensen die mij wilden helpen. In januari 2005 ben ik dan echt vertrokken. In twee jaar tijd hebben we met de DOULOS zo'n 26 landen aangedaan. We zijn gestart in het Midden-Oosten, daarna langs de kust van Afrika naar beneden, via Sri Lanka zijn we de Golf ingegaan, waarna we via India echt Azië in gingen. Daar deden we landen aan als Cambodja, Singapore, Thailand, Maleisië. Vanuit de Filippijnen ben ik weer naar huis gevlogen".

Line-up team

Op mijn vraag hoe er dan contact gelegd werd met de bewoners van de landen die ze aandeden, vertelt Rozemarijn: "Er wordt gewerkt met een zogenaamd line-up team. Dat team reist vooruit naar de havensteden die het schip aandoet. Dat team zorgt ervoor dat het bezoek van het schip op tv of op de radio komt, dat er folders uitgedeeld worden en vooral, dat is het belangrijkste, dat er contacten gelegd worden met christelijke gemeenschappen in het land. Zij kijken waar behoefte is aan diaconale ondersteuning of geloofsondersteuning. Wanneer het schip dan de haven inloopt is al bekend waar de 320 vrijwilligers van het schip (met 50 verschillende nationaliteiten) ingezet zullen gaan worden. Op het schip is een grote boekenmarkt met boeken over van alles en nog wat, ook over het geloof. Mensen komen het schip op, dat is alleen al een attractie. We proberen het dan zo gezellig mogelijk de maken, hen een hartelijk welkom tRozemarijn Bos2e geven, voor de kinderen zijn er dan bijvoorbeeld ijsjes. Naast de boekenmarkt worden er aan boord allerlei activiteiten aangeboden, zoals Bijbelgroepen, bezinningsmomenten, vrouwenconferenties en allerlei lezingen. Maar we blijven niet op het schip, we trekken er ook op uit, naar lokale geloofsgemeenschappen. Iedere dag trekken er zo'n zeven tot tien teams op uit om diaconale hulp te verlenen of Bijbelstudies te verzorgen in lokale gemeenschappen. Dat gaat altijd in samenwerking met de lokale gemeenschappen. We willen ondersteuning bieden, ingebed in bestaande structuren, niet daarbuiten. Wat me daarin het meeste geraakt heeft is dat je, waar je ook komt, gelijkgezinden, broeders en zusters, tegenkomt. Je kent elkaar, ook al heb je elkaar nooit eerder ontmoet. Er is een klik. Zelfs in leed en pijn, wat je toch ook veel tegenkomt. Ook daar kun je elkaar werkelijk ontmoeten in het gedeelde geloof."

Thuisfront

Rozemarijn werd niet officieel uitgezonden door haar gemeente. Toch zocht ze naar een manier om de thuisblijvers te laten delen in haar ervaringen. Vanuit Operatie Mobilisatie wordt voorgesteld om de thuisblijvers om de twee maanden een nieuwsbrief te sturen. Er zijn aan boord computers waarmee het contact met het thuisfront eenvoudig onderhouden kan worden. Ook Rozemarijn schreef dergelijke nieuwsbrieven, maar mailde tussendoor natuurlijk regelmatig met thuis. "De doelstelling van Operatie Mobilisatie is om via je kerk uitgezonden te worden. Daardoor worden hele geloofsgemeenschappen betrokken bij het zendingswerk, dan is het niet langer iets van deze persoon die meegaat met het evangelisatieschip, maar wordt het iets van de hele geloofsgemeenschap. De gemeenschap draagt dan ook bij in de kosten. Nederlanders die mee gaan met het schip betalen iets meer dan mensen uit armere landen. Zo krijgen ook jongeren uit die landen de kans mee te gaan. ", zeg Rozemarijn.

Relatief

"Het is niet altijd even gemakkelijk hoor" , zegt Rozemarijn lachend. "Je zit met 50 verschillende nationaliteiten aan boord. Die verschillen kom je ook tegen in de manier waarop mensen leiderschap uitoefenen, soms kom je het tegen dat mensen dingen compleet anders benaderen dan dat jij vanuit jouw culturele achtergrond gedaan zou hebben. Dat is echt niet altijd gemakkelijk. Verder is privacy natuurlijk ver te zoeken. Je deelt je cabine met drie anderen. Ik deelde de hut met meisjes uit Zwitserland, Singapore en Zuid-Afrika. We hebben twee jaar samengewoond. Dat levert soms irritaties op. Toch leer je ook wel dat die spanningen relatief zijn wanneer je de situatie van anderen ziet in de landen die je bezoekt. Verder verlaat ieder half jaar een groep van zo'n 100 mensen de boot, mensen die er dan twee jaar op hebben gezeten , en komt er een nieuwe groep mensen op de boot. Dat is een ongelooflijke organisatie. De groep mensen die blijven verzorgen de trainingen voor de nieuwkomers, maar dat moet allemaal georganiseerd worden. De bemanning is steeds twee jaar aan boord, allemaal vrijwilligers, ze leven van giften. Soms zijn ze zelfs met het hele gezin aan boord. Ieder schip heeft dan ook een school aan boord, zodat daarin voorzien wordt. Vaak worden deze mensen vanuit hun plaatselijke gemeente in staat gesteld om dit werk te doen."

Rozemarijn Bos3Herkenning

'Hoe is het om weer terug te komen en terug te zijn in Nederland? ' vraag ik. "In het begin niet zo gemakkelijk", zegt Rozemarijn. "Je vormt op zo'n schip al snel een echte geloofsgemeenschap. Die mis ik heel erg. Ik heb veel vriendinnen die naar de kerk gaan, maar die zijn toch anders met geloof bezig. Ik heb gebeden om vrienden in wie ik mijn eigen vragen en zoeken kan herkennen, waarmee ik samen de diepte in zou kunnen gaan. In een geloofsgemeenschap in Nederland vind ik dat nu niet. In dit huis, waar ik nu woon, heb ik mensen getroffen met wie dat wel kan. Onlangs was er een reünie van Operatie Mobilisatie, het is fijn om daar direct herkenning te vinden bij elkaar. Wanneer je terugkomt en je oude vrienden van vroeger weer ontmoet merk je hoezeer je zelf veranderd bent, maar ook zij. Sommigen zijn inmiddels getrouwd. Ik merkte dat we op een compleet andere golflengte zaten. Omdat ik niet vanuit een gemeente werd uitgezonden was er voor mij vanuit die kant ook geen begeleiding bij het terugkeren in Nederland. Operatie Mobilisatie helpt mij wel bij het terugkeren, ze vragen me bijvoorbeeld regelmatig om een spreekbeurt te geven over mijn tijd op de DOULOS en om jongeren te motiveren het ook te gaan doen."

Toekomst

Gevraagd naar de toekomst, zegt Rozemarijn: "Wat ik geleerd heb is dat, waar ik ook ben, wat ik ook doe, mijn relatie met God het belangrijkste is. Dit is de allergrootste les die ik meeneem de toekomst in. Het gaat er niet om wat je allemaal doet, maar wie je bent voor God. Vanuit die genade wil ik leven en zou ik later graag in het buitenland willen werken! Mijn hart ligt bij getraumatiseerde kinderen en vrouwen. Ik heb gezien wat het betekent wanneer mensen van binnenuit genezing mogen ervaren. Daar zou ik in de toekomst graag aan mee willen werken. In het derde jaar van mijn opleiding Creatieve Therapie ga ik stage lopen. Dat zou ik graag in het buitenland willen doen, misschien in één van de landen waar ik met de DOULOS geweest ben. Ja, dat zou ik graag willen."